Home   AlexanderConcept   Ervaringen   Praktisch   OverOns   FAQ   Diversen   Contact 

Osteoporose:
Het verband tussen Brein en Botten

Medisch Dossier, februari 2011

Nieuw onderzoek heeft een fascinerende relatie tussen depressie en osteoporose blootgelegd.

Osteoporose (botontkalking) is een van de voornaamste oorzaken van botbreuken. Het is de meest wijdverbreide ouderdomsziekte in het Westen en treft ongeveer drie miljoen mensen in Groot-Brittannië en tien miljoen in de Verenigde Staten. In Nederland gaat men uit van achthonderdduizend gevallen.. Vrouwen lopen het meeste risico: een op de zes westerse vrouwen krijgt op enig moment in haar leven een heupfractuur.
De invloed van genen, leeftijd, voedingspatroon en leefstijl op onze botten is bekend. Nu blijkt dat ook de geestelijke gezondheid hier een belangrijke rol bij speelt. Nieuw, opzienbarend onderzoek heeft uitgewezen dat depressie – waaraan wereldwijd meer dan 120 miljoen mensen lijden – een belangrijke risicofactor voor osteoporose is, en dan met name bij vrouwen.

Depressie en ongezonde botten
Twee recente meta-analyses waarin de resultaten van eerdere onderzoeken werden gecombineerd, hebben een duidelijke relatie gevonden tussen depressie en een lage mineraaldichtheid in het bot (BMD), wat wijst op osteoporose en risico op botbreuken. Bij de meest recente meta-analyse, een internationale studie van de Hebrew University in Jerusalem, beoordeelden wetenschappers gegevens van 23 onderzoeksprojecten in acht landen. Hierbij werd de botdichtheid van 2327 personen die aan depressie leden vergeleken met die van 21.141 personen zonder depressie. De onderzoekers stelden vast dat de depressiepatiënten een substantieel lagere BMD hadden dan de niet-depressieven en dat depressie ook samenhing met een aanmerkelijk grotere activiteit van de osteoclasten, de cellen die bot afbreken.
Het verband tussen depressie en botverlies was vooral sterk bij vrouwen vóór de menopauze bij wie door een psychiater de diagnose klinische depressie was gesteld. De wetenschappers concludeerden dat ‘alle personen met de psychiatrische diagnose klinische depressie het risico lopen osteoporose te ontwikkelen, waarbij jonge vrouwen het grootste risico lopen’.
De andere meta-analyse kwam tot min of meer dezelfde conclusie. Bij een analyse van gegevens van meer dan tienduizend personen uit veertien verschillende studies vonden de wetenschappers van de Mayo Clinic, in Arizona, een verband tussen depressie en een significante verlaging van de BMD van de wervelkolom en de heup, in het bijzonder bij depressieve vrouwen en bij degenen die leden aan een klinische depressie. ‘Depressie moet beschouwd worden als een belangrijke risicofactor voor osteoporose’, zo luidde hun conclusie.

Medicatie de boosdoener?
Volgens één onderzoek zou het probleem niet de depressie op zich zijn, maar de medicijnen die hiertegen worden voorgeschreven. In een Canadees onderzoek bij vijfduizend personen ouder dan vijftig jaar, werd vastgesteld dat wie regelmatig SSRI’s innam – een categorie antidepressiva met de naam ‘selectieve serotonine heropnameremmers’ – een verdubbeld risico op botbreuken had. SSRI-gebruik was zogenaamd ‘dosisafhankelijk’: wie meer slikte, liep meer risico op vallen evenals op een lagere BMD van de heup en de wervelkolom. Uit analyse van de wetenschappelijke literatuur kwam dezelfde conclusie.

Risicofactor op zichzelf
Toch is er ook bewijs gevonden voor de stelling dat depressie op zichzelf tot botverlies kan leiden. De eerder genoemde wetenschappers van de Hebrew University ontdekten dat depressie het sympathisch zenuwstelsel activeert – de verbinding tussen de hersenen en de interne organen en het skelet – dat in werking treedt bij stress. Dit zorgt vervolgens binnen het bot voor de afgifte van noradrenaline (ook wel norepinefrine), wat een schadelijk effect heeft op cellen die bot opbouwen. De Israëlische wetenschappers konden aantonen dat chronische behandeling met medicijnen die de noradrenaline in de cellen blokkeren, ook het effect van depressie op de botten blokkeerden.
Hoewel meer onderzoek is vereist op dit terrein (neuro-psycho-osteologie genaamd) doen sommige wetenschappers een oproep om depressie officieel als risicofactor voor osteoporose te erkennen. Onderzoeksresultaten bevestigen dat de behandeling van depressies een belangrijk middel is om de botten gezond te houden en botbreuken te voorkomen (zie voor informatie over natuurlijke manieren om depressie te behandelen het hoofdartikel van Medisch Dossier mei 2008).

Andere risicofactoren, en onze invloed
Behalve depressie zijn er nog meer factoren die het risico van osteoporose verhogen. Enkele daarvan – zoals vrouw-zijn, ouder worden, en osteoporose in de familie – zijn niet te veranderen. Maar er zijn ook factoren waar we wel invloed op hebben.

 

 

Inactieve leefstijl
Mensen die een groot deel van hun tijd zittend doorbrengen, hebben meer kans op osteoporose. Zoals Marilyn Glenville in haar boek uiteenzet, wordt de sterkte van de botten bepaald door een proces van vraag en aanbod. ‘Als men veel van zijn botten vergt, zal het bot de dichtheid krijgen die nodig is om hieraan te voldoen. Als men er weinig eisen aan stelt, gaat de dichtheid achteruit’. Uit onderzoek blijkt dat regelmatig trainen met belasting belangrijk is om krachtige botten op te bouwen en te behouden. Activiteiten met lage impact, zoals wandelen en niet te zware aerobicsoefeningen, kunnen botverlies voorkomen terwijl door training met hoge impact – bijvoorbeeld hardlopen en gewichtsoefeningen – de botdichtheid verbetert.
Voetbal is een uitstekende activiteit voor dit doel. Een onderzoek van veertien weken bij vrouwen tussen de twintig en 47 jaar die tweemaal per week voetbalden, gaf een significante toename van de botdichtheid in het scheenbeen te zien. Opvallend was dat bij vrouwen die even lang hardliepen dit effect niet in die mate optrad.
Voor wie niet zo mobiel is, biedt totale lichaamsvibratietraining (LVT) een goed alternatief. Hierbij staat, zit of ligt men op een trilplaat, die samentrekking van de spieren stimuleert. Bij vrouwen na de overgang die zes maanden lang driemaal per week trilplaatoefeningen deden, nam de heup-BMD toe en verbeterden de kracht en balans. Vergeleken met placebo voorkwam LVT botverlies van de wervelkolom en het femur (dijbeen).
Wie al osteoporose heeft, heeft meer baat bij oefeningen die de balans en de coördinatie verbeteren, zoals tai chi of steps-aerobics. Dit kan helpen om vallen en botbreuken te voorkomen.

Zuur dieet
Bepaalde voedingsmiddelen voorzien ons van voedingstoffen die essentieel zijn voor de botopbouw, zoals calcium, terwijl andere uitgesproken schadelijk zijn. Aldus Annemarie Colbin in haar boek The Whole-Food Guide to Strong Bones: A Holistic Approach. Hierin waarschuwt ze tegen het gebruik van zuurvormend voedsel, zoals vlees en suiker, omdat een teveel hiervan calcium en andere mineralen aan de botten onttrekt.. Uit onderzoek bij muizen blijkt dat acidose – een verschuiving naar zuur in de zuurgraad van het bloed – botverlies stimuleert en botopbouw belemmert. Dit verklaart waarom oudere vrouwen die elke dag chocola eten (waar veel suiker in zit) vaak minder kracht en een lagere botdichtheid hebben en waarom sommige dranken een verband blijken te hebben met osteoporose (zie verderop in dit artikel).
Het beste dieet voor betere botten omvat minder zuurvormend en meer alkaliserend voedsel, zoals groene bladgroente (verschillende soorten boerenkool, het blad van de mosterdplant brassica juncea, waterkers, rucola), wortels (penen, knolrapen, pastinaken, radijsjes), broccoli en pompoenen (zie ook het artikel De beste voeding voor gezonde botten in Medisch Dossier mei 2009).

Koffie en alcohol
Cafeïne bevordert de uitscheiding van calcium en magnesium via de urine. Vier koppen koffie of meer kan een groter risico op botbreuken opleveren, vooral bij vrouwen met een lage calciumconsumptie. Van thee daarentegen lijkt juist een beschermend effect uit te gaan, vanwege gezonde ingrediënten als flavonoïden.
Zwaar alcoholgebruik brengt ook een risico van osteoporose met zich mee, maar matig drinken (een tot twee glazen per dag) zou in dit opzicht juist gunstig zijn zowel voor mannen als voor vrouwen na de overgang.

Roken
Sigaretten zijn een bekende risicofactor voor een lage BMD en osteoporose. Het roken van meer dan een pakje per dag geeft 60 procent meer osteoporoserisico. Japanse onderzoekers hebben ook veranderingen als vermindering van beenmergcellen en osteoblasten (die bot opbouwen) ontdekt in de botten van laboratoriumratten die aan sigarettenrook waren blootgesteld. Dit is niet zonder meer op mensen van toepassing, maar wijst wel op een sterk verband tussen (zelfs passief) roken en negatieve effecten op de botten.

Gewichtsverandering
Onderzoek heeft aangetoond dat wie met succes lijnt, ook meer botverlies heeft ten opzichte van mensen die nooit zijn afgevallen. Volgt u een vermageringsdieet, zorg dan voor meer lichaamsbeweging (bij voorkeur high impact-training) en voor voldoende botopbouwende voedingstoffen.

Bepaalde geneesmiddelen
Langdurig gebruik van corticosteroïden in de vorm van bijvoorbeeld prednison en cortison kan osteoporose tot gevolg hebben. Andere medicijnen die in verband worden gebracht met broze botten zijn aromataseremmers, die worden voorgeschreven tegen borstkanker, en de zuurremmende protonpompremmers.

Het sleutelwoord: preventie
Omdat osteoporose een ‘stille’ aandoening is – die gewoonlijk zonder symptomen verloopt, totdat men ineens een botbreuk krijgt – is zo veel mogelijk kennis uiteindelijk ons beste wapen. Onderzoek doet immers vermoeden dat met kleine veranderingen in onze voeding en leefstijl grote nadelige gevolgen in de toekomst voorkomen kunnen worden.

Joanna Evans

Artikel uit Medisch Dossier, Februari 2011.
www.medischdossier.org
 

Terug naar vorige pagina